Schaamte
‘Wat zullen de mensen wel niet denken’
‘Wat zullen de mensen wel niet denken!’. In de supermarkt mag ik getuige zijn van een treffend tafereel. Het gaat een beetje als volgt. Zoon brengt enthousiast een, toegegeven eerder onbekende serenade. Weinig toonvast, veel vuur. Moeder scant niet enkel haar producten, maar ook de blikken van wie haar omringt. Na rijp intern beraad besluit ze deze oerklassieker der pedagogiek in te zetten, in een poging haar zoon het zwijgen op te leggen. Of is het, in een poging haar eigen schaamte tot bedaren te brengen?
Wat zullen de mensen denken? Mijn gezicht wringt zich, willen of niet in een stevige frons. De mensen? Ben ik daar dan één van? Word ik onvrijwillig ingezet een oordeel te vormen en zo bij te dragen aan een collectief opvoedingsbeleid? Waarin toonvastheid gestimuleerd en bewonderd wordt, maar vuren gedoofd. Maar vooral, waarin we elkaar onbewust besmetten met onze eigen angsten en schaamte. En als een soort menselijke domino elkaar heel zachtjes maar doeltreffend ten val brengen.
Overdrijf je nu niet wat? Dit is niet de moeder aan het woord, maar wel mijn eigen kritische stem. Ook in bruikleen (wat me eraan herinnert ook die dringend terug te geven aan de eigenaar). Maar neen, ik overdrijf niet. We leven ons leven in angst. En we schamen ons schaamteloos te pletter. Ik zie het in mezelf, ik zie het rond mij, ik zie het in mijn praktijk. Elke stap die genomen wil worden wordt vaker wel dan niet voorafgegaan door een scan van binnen en buiten. Om uiteindelijk, ook vaker wel dan niet onszelf die stap te ontnemen. Wat zullen de mensen wel niet denken? De onzekerheid over wel of niet besmette zelfs de heilige regels van onze Nederlandse taal.
We prediken vrijheid als hoogste goed. Vrij om te doen en laten wat we willen. De moderne mens in een moderne maatschappij. Maar we beseffen onvoldoende hoezeer we opgesloten zitten. Niet enkel in een systeem, maar vooral in een lichaam dat kreunt onder angst en schaamte. Dat ons beperkt in wie we zijn en wat we verlangen in ons leven. Om geen moderne, maar vurige mensen te worden!
Angst en schaamte zijn ziekmakers. Wie dat beseft heeft een eerste sleutel tot vrijheid in handen. Want niet de mensen, maar wel onze eigen diepe intuïtie zal zeggen: ga maar, doe maar. Laat de mensen maar denken.
En zo ging ik.